Menu

Arthroscopische stabilisatie schouder

Pijn schouder operatie stabilisatie

Het schoudergewricht bestaat uit de kop van de bovenarm en de kom van het schouderblad. Om het gewricht bevindt zicht een gewrichtskapsel en daaromheen lopen spieren en pezen. In de schouderkom zit een kraakbeenring (labrum). Deze kraakbeenring zorgt ervoor dat de relatief kleine schouderkom meer oppervlak krijgt en werkt als een soort ‘zuignap’ om de schouder in de kom te houden. Als de schouder door een val of trauma uit de kom is geschoten, kan er schade ontstaan aan de kraakbeenring. Bij een Bankart laesie is het voorste en / of onderste gedeelte van de kraakbeenring beschadigd en vaak zelfs losgelaten van de schouderkom. Bij een SLAP-laesie is het bovenste gedeelte van de kraakbeenring beschadigd. Dit is tevens het gedeelte waar de bicepspees aan vastzit. In sommige gevallen is ook het gewrichtskapsel te ver uitgerekt. De schouder is hierdoor minder stabiel en kan makkelijker weer uit de kom gaan. Vaak is hierbij een operatieve ingreep noodzakelijk om de schouder weer stabiel te krijgen.

De operatie

Het doel van de operatie is de beschadigde kraakbeenring weer te herstellen en opnieuw vast te hechten aan de kom. Dit gebeurt middels een kijkoperatie met behulp van ankers in het bot en hechtingen waarmee het de kraakbeenring wordt opgepakt en weer op zijn oorspronkelijke plaats op de schouderkom wordt vastgemaakt. Bij een SLAP-laesie is dit soms niet mogelijk, waardoor er gekozen wordt voor een andere operatie, namelijk een bicepstenodese of bicepstenotomie. Voor meer informatie omtrent deze operatie wordt u verwezen naar de folder bicepstenotomie / bicepstenodese.
Als het gewrichtskapsel beschadigd is, zal dit ook worden gehecht. Door deze ingreep wordt het schoudergewricht weer stabiel gemaakt. De operatie zal ongeveer 60-90 minuten duren en vindt altijd plaats onder volledige narcose. Bij de kijkoperatie maakt de orthopedisch chirurg twee tot vier kleine openingen in de huid van ongeveer één centimeter. Via de eerste opening wordt een arthroscoop in het gewricht binnengebracht; dit is een smalle buis van ongeveer vijf millimeter doorsnede, met daaraan een lichtvezelkabel en een minicamera. Via de minicamera verschijnt het beeld van het schoudergewricht op een monitor in de operatiekamer. Door de tweede huidopening kan de orthopedisch chirurg verschillende instrumenten invoeren zoals een kniptangetje, de botankers of hechtingen. Als de orthopedisch chirurg op verschillende plaatsen in de schouder moet zijn is het soms nodig om nog een huidopening te maken.

Voor de operatie

Voordat u geopereerd wordt heeft u nog een afspraak bij de anesthesiemedewerker en een fysiotherapeut. Bij de anesthesiemedewerker wordt gecontroleerd of u bij Annatommie mc geopereerd mag worden en of er nog aanvullend onderzoek nodig is voor de operatie. Bij de fysiotherapeut wordt uitleg gegeven over de sling en welke oefeningen u mag doen.

De opname duurt in principe 1 dag, hier kan van worden afgeweken indien u bijvoorbeeld laat op de dag terugkomt van de operatie. U krijgt tijdens de opname een infuus in uw arm om medicatie toe te dienen. In de meeste gevallen krijgt u voor de operatie een regionale blokkade van de anesthesist om de pijn zo min mogelijk te voelen tijdens en na de operatie. Daarnaast krijgt u algehele narcose.Tijdens de operatie moet u nuchter zijn, dit is belangrijk om de risico’s van de narcose zo klein mogelijk te houden.

Na de operatie

Na de operatie heeft u een verband om de geopereerde schouder, welke 24 uur moet blijven zitten. Daarnaast heeft u een sling om uw arm met een band achter de rug om uw arm op zijn plaats te houden. De arm kan nog verdoofd aanvoelen door de blokkade. Meestal komt het gevoel na 24 uur terug.

De fysiotherapeut komt na de operatie bij u langs om met u de oefeningen door te nemen. Het is van belang dat u snel na de operatie (twee tot drie dagen) al start met fysiotherapie. Hiervoor krijgt u een verwijzing met instructies mee vanuit Annatommie mc. Na de operatie draagt u een mitella gedurende vier tot zes weken en heeft u een beperkt oefenprogramma wat langzaam wordt opgebouwd onder begeleiding van uw fysiotherapeut. Voor een goed herstel van de schouder is het erg belangrijk om de instructies van de orthopedisch chirurgen de fysiotherapeut op te volgen. Het is wel aan te raden een fysiotherapeut te kiezen die is gespecialiseerd in het behandelen en revalideren van schouders.

De wondjes zijn gehecht. De hechtingen worden bij de wondcontrole 2 weken na de operatie hier op de polikliniek verwijderd. Mochten er eerder vragen zijn over de wond, dan kunt u met ons telefonisch contact opnemen.

We adviseren u de voorgeschreven pijnmedicatie gedurende tien dagen in te nemen, zodat u goed slaapt en goed kan oefenen met de fysiotherapeut. Indien u vragen heeft over de medicatie, een herhaalrecept wenst of last heeft van bijwerkingen kunt u telefonisch contact met ons opnemen. De meeste mensen zijn grotendeels pijnvrij na zes tot twaalf weken.

De schouder blijft de eerste dagen na de ingreep gezwollen. Indien u de arm zonder pijn al voldoende kunt bewegen en daardoor in staat bent om te handelen in noodsituaties en u het zelf veilig acht, dan kunt u na zes weken het autorijden/fietsen weer hervatten.

De eerste controle na de operatie is de wondcontrole twee weken postoperatief, er zal tevens gekeken worden naar de functie van de schouder. Deze controle wordt verricht door een speciaal hiervoor opgeleide fysiotherapeut. De volgende controle is zes tot acht weken na de operatie bij de physician assistant of de orthopedisch chirurg en daarna volgt nog een controle drie tot vier maanden postoperatief.  De volledige revalidatie zal ongeveer zes tot acht maanden in beslag nemen.

Complicaties kunnen bij iedere operatie ontstaan. Wij doen er alles aan om de risico’s hierop zoveel mogelijk te verkleinen.  Er bestaat een kleine kans op nabloedingen, zenuwletsel of infecties. Daarnaast bestaat er een kans dat u een postoperatieve stijve schouder krijgt. Deze gaat vaak binnen drie tot vier maanden vanzelf weer weg, echter kan het herstel hierdoor wel langer duren. In sommige gevallen blijft er een kleine beperking in het naar buiten draaien van de arm, dit wordt gedaan om er voor te zorgen dat de schouder stabieler is.

Invullen vragenlijsten

Vanuit landelijke richtlijnen wordt verwacht dat wij de voortgang van patiënten door middel van vragenlijsten monitoren. Deze vragenlijsten worden PROMS genoemd en hierop geeft u uw kwaliteit van leven of niveau van functioneren aan. Met deze vragenlijsten worden de uitkomsten van zorg vanuit uw perspectief vastgesteld. Daarom bent u reeds gevraagd om u aan te melden bij onze database. Via deze database zult u voor de operatie, drie maanden na de operatie en één jaar na de operatie een oproep ontvangen om deze vragenlijsten digitaal in te vullen.

Onze patiënten beoordelen ons gemiddeld met een:

rating logo

Orthopedisch chirurgen gespecialiseerd in Arthroscopische stabilisatie schouder

Wij werken samen met:

Annatommie mc