Een operatie bij Annatommie mc

operatie annatommieWanneer een niet-operatieve behandeling voor uw klacht niet volstaat, dan zal in overleg met onze specialisten worden besloten u te opereren. Onze orthopedisch chirurgen zijn gespecialiseerd in het opereren aan de volgende gewrichten: knie, heup, schouder, rug, elleboog, voet- en enkel. Wanneer er wordt besloten te opereren, dan maken wij een afspraak met u op onze operatielocatie in Utrecht of Amstelveen.

Inclusiecriteria Annatommie mc 

Bij Annatommie mc hanteren wij de ASA- classificatie, die opgesteld is door de American Society of Anesthesiology. ASA 1 en ASA 2 classificatie kunnen wij binnen onze setting opereren. ASA 3 en ASA 4 verwijzen wij naar reguliere ziekenhuizen.

  • ASA 1: een lichamelijke en geestelijk gezonde patient, niet roker, geen of minimaal alcoholgebruik.
  • ASA 2: een patient met een licht of matige systemische afwijking zonder functiebeperking. Bijvoorbeeld (maar niet alleen): roker, sociale drinker, obesitas BMI onder de 35, goed gecontroleerde suikerziekte/hoge bloeddruk, lichte longziekte die goed is gecontroleerd met medicijnen.
Helaas kunnen wij kwalitatieve zorg niet garanderen voor de volgende behandelingen:
  • revisie heup-, knie- en schouderprothesen;
  • kijkoperatie heup;
  • kraakbeen transplantatie;
  • prothesiologie elleboog/pols/vinger/voet/enkel;
  • fractuurchirurgie onderste extremiteit (bij fracturen van sleutelbeen, schouder, bovenarm en elleboog kunnen wij u wel goed van dienst zijn);
  • spoedeisende chirurgie:
  • botscan, CT-scan en punctie.
Helaas kunnen wij niet opereren als u:

  • 85 jaar of ouder bent;
  • jonger bent dan 16 jaar;
  • een BMI boven de 35 heeft;
  • een eerder doorgemaakt hartinfarct (MI), hartoperatie (bijv. gedotterd/stent), hersenbloeding of herseninfarct (TIA, CVA) heeft gehad;
  • een pacemaker of AICD (ingebouwde defibrillator) heeft;
  • een onbehandeld OSAS (slaapapneu) heeft;
  • actieve hepatitis (ontsteking van de lever) heeft;
  • een alcohol- en of drugsverslaving heeft;
  • een nierfunctiestoornis met dialyse heeft;
  • een niet goed ingestelde epilepsie (vallende ziekte) heeft. Uw rijbewijs is hierdoor afgenomen;
  • een chronische bronchitis in voortgeschreden stadium bijvoorbeeld: COPD GOLD III, IV
  • een hoge bloeddruk boven de 180/100 mmHg heeft;
  • een mechanische klepprothese heeft.
  • Gebruik maakt van anti-stollingsmiddelen die niet tijdens de operatie gestopt mag worden.
  • Transfusies met bloedproducten weigert

Uitzonderingen kunnen gemaakt worden in overleg met onze anesthesist als u:

  • een voorgeschiedenis met hart- en longklachten heeft;
  • een psychiatrische stoornis heeft (niet gecontroleerde schizofrenie of bipolaire stoornis);
  • gebruik van bepaalde stollingsmedicatie;
  • ritmestoornissen heeft;
  • een biologische klepprothese heeft.

In de bovenstaande gevallen kan de medisch specialist wel besluiten u middels een niet-operatieve ingreep te behandelen. Mocht er in deze gevallen een indicatie voor operatie zijn, dan zullen wij u doorverwijzen naar het reguliere ziekenhuis.

Voor de operatie

Preoperatieve screening

Nadat u samen met de orthopedisch chirurg tot een operatie heeft besloten, krijgt u van de poli assistente informatie over deze operatie. Voordat u geopereerd kunt worden, moet er een preoperatieve screening (POS) plaats vinden door een anesthesiemedewerker of een anesthesioloog. In voorbereiding op deze screening krijgt u digitaal een vragenlijst toegestuurd of wordt de vragenlijst samen met de poli assistent doorgelopen.
Voor uw eigen veiligheid vragen we u om deze vragenlijst volledig en naar waarheid in te vullen. De poliassistente zal ook een bloeddrukmeting bij u doen. Als u denkt zwanger te zijn of dit bent, verzoeken wij u dit tijdig aan te geven. Er zijn twee mogelijke routes voor de preoperatieve
screening, namelijk:
1. Een telefonisch consult
2. Een consult op één van de twee locaties Utrecht of Amstelveen.
Wanneer u zelf de behoefte heeft om langs te komen op het preoperatieve spreekuur dan bent u van harte welkom. Zowel in het telefonisch consult als op het spreekuur krijgt u uitleg van een POS-medewerker over de verschillende vormen van anesthesie met de daarbij behorende voor- en nadelen en risico’s. In overleg met u en de anesthesioloog zal er een beslissing worden genomen welke vorm van anesthesie het beste past.

Planning

Nadat u met uw orthopeed heeft besloten tot een operatie, krijgt u van de poli-assistente een vragenlijst voor de anesthesie. Deze is beschikbaar in het Nederlands en het Engels. Wij verzoeken u met klem om deze vragenlijst volledig in te vullen. Op basis van uw antwoorden besluiten de orthopedisch chirurg en de anesthesist welke vorm van verdoving passend is. Wanneer de anesthesist op grond van uw antwoorden een verhoogd risico constateert, nemen wij contact met op en zult u worden doorverwezen naar een regulier ziekenhuis.
Als de preoperatieve screening is voldaan, wordt uw aanvraag doorgezet naar ons bureau opname OK planning. Zij nemen contact met u op voor een afspraak voor de operatie. U krijgt de informatie over de operatie en het recept of de recepten voor de benodigde medicatie mee. Vertel het ons wanneer u allergisch bent voor de voorgeschreven medicijnen, dan kunnen wij een alternatief zoeken. Een paar dagen voor de operatie krijgt u een e-mail en een brief met het tijdstip van de operatie. Voor vragen over de planning of de operatie kunt u contact opnemen met het bureau opname OK planning op 088 022 0600.

Voorbereiding

Omdat u na de narcose nog een tijdje minder scherp bent dan normaal, mag u niet zelf naar huis rijden. Daarnaast moet er de eerste 24 uur na de operatie iemand bij u zijn. Ook bent u de eerste dagen niet erg mobiel. Het is dus belangrijk dat u vervoer vanaf de operatielocatie naar huis regelt, iemand die de eerste 24 uur bij u is en wat hulp voor de eerste dagen. Mocht u hier behoefte aan hebben maar het niet zelf kunnen regelen dan kunt u contact opnemen met uw zorgverzekeraar. Mogelijk komt u in aanmerking voor thuiszorg of een zorghotel. Kijk voor een volledig overzicht wat te regelen is qua voorbereiding even in de checklist.

Checklist

Voorbereidingen 

  • Voor krukken of een looprekje bent u zelf verantwoordelijk. Deze kunt u lenen bij een thuiszorgwinkel.
  • Een eventuele opname in een zorghotel na uw operatie dient u zelf te regelen.
  • U kunt eventueel al fysiotherapie regelen voor tijdens uw revalidatie.
  • Als de huid van het operatiegebied behaard is, verzoeken wij u dit een week lang voor de operatie niet zelf te scheren of te ontharen. Als de orthopedisch chirurg het nodig vindt wordt de beharing op de operatiekamer weggehaald. Op deze manier verkleinen we de kans op infecties.
  • Hulp of een begeleider regelen voor tenminste de eerste 24 uur na uw ontslag.
  • Vervoer regelen voor na de operatie naar huis.
  • Als u een infectie of een wondje aan het te opereren lichaamsdeel heeft, verzoeken wij u meteen contact op te nemen met de
    medewerkers van Bureau Planning&Opname.
  • Medicijnen voor na de operatie worden bezorgd in de kliniek. U zult enkele dagen voor de operatie door een apotheek, die verbonden is
    aan onze kliniek, worden gebeld om dit met u door te nemen.

Voorbereidingen op de dag van de operatie

  • Uw nagellak, kunstnagels, make-up en eventuele sieraden (waaronder piercings) verwijderen.
  • Uw krukken mee nemen.
  • Een actueel medicatieoverzicht van uw apotheek mee nemen.
  • Uw thuismedicatie mee nemen.
  • Het dragen van sieraden, een horloge of piercings niet toegestaan tijdens de operatie. Wij adviseren u dit soort eigendommen thuis te laten.
  • U kunt tijdens de operatie geen bril of contactlenzen dragen. Het is daarom verstandig om een doosje mee te nemen waarin u de bril of contactlenzen kunt opbergen. Dit doosje kunt u dan vlak voor de operatie afgeven.
  • Dient u een eventueel kunstgebit of gehoorapparaat kort voor de operatie te verwijderen.
  • Raden wij u aan om makkelijk zittende kleding te dragen en platte schoenen mee te nemen.
  • Raden wij u aan om slippers of pantoffels met een ruwe onderkant mee te nemen.
  • Wij verzoeken u die dag niet te roken. Roken prikkelt de longen en beïnvloed de maagfunctie waardoor de vertering van voedsel minder snel verloopt.
  • Neem een douche of bad en was uw haar met hibi scrub voordat u naar de kliniek komt, dit om infecties te voorkomen.
  • Vergeet niet uw medicijnen in te nemen, behalve de medicijnen die u op advies van de POS medewerker moest stoppen.
  • Zorg dat u nuchter bent voor de operatie! (zie Nuchterbeleid)

Nuchter

Voor uw operatie is het belangrijk dat u nuchter bent. Nuchter zijn betekent dat u niet mag eten of drinken. Een lege maag voorkomt dat tijdens de operatie de inhoud van de maag in de luchtpijp en de longen terechtkomt. Ook voor een ruggenprik moet u nuchter blijven.
De operatie gaat niet door wanneer u niet nuchter bent conform de richtlijnen.
Als u voor 13:00 uur geopereerd wordt:
Mag u tot 00:00 uur de dag vóór de operatie nog eten. Op de dag van operatie dus niet.
U mag tot twee uur voor uw operatie:

  • Een glas water zonder koolzuur (prik) of heldere drank bijvoorbeeld appelsap zonder koolzuur, een kop thee of koffie zonder melk. Geen frisdrank of vloeistoffen met koolzuur (prik).

Als u na 13:00 uur geopereerd wordt:
Mag u op de dag van de operatie tot 06:00 uur een licht ontbijt, bestaande uit twee beschuitjes met jam eten. Dus geen vleeswaren of melkproducten (kaas, yoghurt, kwark etc) consumeren.
U mag tot twee uur voor uw operatie:

  • Een glas water zonder koolzuur (prik) of heldere drank bijvoorbeeld appelsap zonder koolzuur, een kop thee of koffie zonder melk. Geen frisdrank of vloeistoffen met koolzuur (prik).

Binnen twee uur voor uw operatie mag u ook niets meer drinken.
Daarnaast dient u:

  • Minimaal zeven dagen voor uw operatie geen drugs meer te gebruiken.
  • Vanaf 24 uur voor uw operatie geen alcohol meer te drinken.
  • Te stoppen met roken. Het is aan te raden minimaal vier weken voor de operatie te stoppen met roken. Dit vermindert de kans op longontsteking na de operatie en bevordert een goede wondgenezing. Gebruikt u nicotinepleisters? Deze kunt u ook doorgebruiken op de dag van de operatie.

Wat mag niet? 



De operatie

De operatie

U meldt zich 2 uur voor aanvang van de operatie bij de receptie, waarna u wordt opgehaald door de verpleegkundige van de verpleegafdeling. Deze zal een opnamegesprek houden, waarna u naar uw kamer wordt begeleidt. Als het tijd is dat u naar de operatiekamer mag dan moet u zich omkleden in een operatiejasje. De verpleegkundige zal u vertellen wat u aan mag houden. Vervolgens wordt u naar de voorbereidingsruimte (holding) gebracht, waar een infuus wordt geprikt en de orthopedisch chirurg komt bij u om de te opereren plaats te markeren. De anesthesioloog komt ook bij u om de anesthesie te bespreken.
Na de operatie wordt u naar de uitslaapkamer (recovery) gebracht. Wanneer u wakker bent, het gevoel voldoende terug is, de hartslag, bloeddruk en ademhaling normaal zijn en de pijn goed onder controle is, wordt u door de verpleegkundige van de verpleegafdeling weer opgehaald. Op de verpleegafdeling krijgt u iets te eten en drinken. De verpleegkundige of uzelf belt uw contactpersoon. De chirurg loopt aan het einde van de operatiedag bij u langs en bespreekt met u hoe de operatie is gegaan. Bij de meeste ingrepen ziet u een fysiotherapeut voor of na uw operatie. De fysiotherapeut geeft u adviezen omtrent de nabehandeling van de operatie. Zo snel mogelijk in beweging komen is van groot belang voor uw herstel, ook als u bij ons op de afdeling blijf. Dit verkleint ook de kans op complicaties.

Anesthesie

Anesthesie is verdoving die nodig is voor een operatie. Er zijn verschillende soorten anesthesie. Welke soort u krijgt is afhankelijk van de ingreep, uw gezondheid en persoonlijke voorkeur. Dit wordt op de pre operatieve screening bepaald. Op de dag van de operatie kan de anesthesioloog nog anders besluiten. Mocht dit het geval zijn, dan zal de anesthesioloog met u de reden van verandering bespreken. De meest toegepaste vormen binnen Annatommie mc worden hieronder uitgelegd.
Regionale anesthesie

  • Spinale anesthesie (ruggenprik). Bij spinale anesthesie worden uw onderlichaam en benen verdoofd. Om de ruggenprik uit te voeren vraagt de anesthesioloog u rechtop te zitten en uw rug bol te maken. De anesthesioloog verdoofd eerst de huid en brengt daarna voorzichtig een dunne naald
    in tussen 2 uitsteeksels van de wervels laag in uw rug, waarna de verdoving wordt ingespoten. De verdoving zorgt ervoor dat het gehele onderlichaam eerst warm en daarna gevoelloos wordt. Na enkele minuten kunt u de benen niet meer bewegen. Tijdens deze vorm van anesthesie bent u tijdens de ingreep bij bewustzijn. Indien gewenst kan er een licht slaapmiddel worden gegeven tijdens de ingreep (sedatie). Wij raden u aan eigen muziek mee te nemen om het achtergrondlawaai te dempen. Na de ingreep wordt op de uitslaapkamer (recovery) met behulp van een blaasscan gecontroleerd hoeveel er in uw blaas zit. Door de ruggenprik voelt u dit namelijk niet en kunt u ook niet spontaan plassen. Indien de blaas te vol is, zal de recoverymedewerker de blaas legen door middel van een blaaskatheter. Voor u naar de afdeling gaat is de blaaskatheter weer verwijderd. In de meeste gevallen mag u weer naar de verpleegafdeling als u de tenen weer kunt bewegen. Afhankelijk van het medicijn en de ingreep kan het 1,5 tot 5 uur duren voordat de verdoving volledig is uitgewerkt.
  • Plexus anesthesie (zenuwblokkade). Deze methode wordt vaak gebruikt bij operaties aan schouder, elleboog, hand, been of voet. Alleen de
    te opereren ledemaat wordt hierbij verdoofd. Deze verdoving wordt preoperatief door de anesthesioloog toegediend. Met behulp van een echo wordt het verdovingsmiddel rondom de zenuw neergelegd, waardoor deze wordt uitgeschakeld. Hierdoor wordt het betreffende ledemaat gevoelloos en slap. De plexusverdoving duurt 12 tot 15 uur.

Lokale anesthesie
Deze vorm van anesthesie wordt toegepast bij een klein aantal orthopedische ingrepen. Denk daarbij aan ingrepen aan vingers en tenen. De plaatselijke
verdoving is de meest eenvoudige vorm van anesthesie en wordt veelal door de orthopedisch chirurg zelf toegepast. Dit gebeurt met één of
meerdere injecties rondom de plaats van de operatie en zorgen ervoor dat een klein gebied gevoelloos wordt. Tijdens deze vorm van verdoving blijft u altijd geheel bij kennis. Vaak wordt er bij u een zuurstof- en bloeddrukmeter aangesloten om uw vitale functies te blijven controleren. De verdoving werkt snel. U blijft voelen dat er iets gebeurt, maar dit zal enkel een dof of stomp gevoel opleveren, geen pijn.
Welke anesthesie krijgt u?
Bij medische ingrepen zijn dus verschillende vormen of combinaties van verdoving (anesthesie) mogelijk. Toch zijn niet alle vormen bij alle operatieve ingrepen mogelijk. De anesthesist bepaalt dan ook samen met u de soort anesthesie die u krijgt toegediend. Dit is afhankelijk van de aard en de ernst van de ingreep, het lichaamsdeel dat wordt geopereerd, uw algemene gezondheid en persoonlijke voorkeur. Ook de tijdsduur van de operatie speelt een rol,
evenals uw leeftijd en uw geestelijke en lichamelijke gesteldheid. Vaak wordt de vorm van anesthesie al op het preoperatieve spreekuur met u afgesproken, toch kan de anesthesist op de dag van operatie anders besluiten. Mocht dit het geval zijn, dan zal de anesthesist met u de reden van verandering bespreken. Wij vragen hiervoor uw begrip, omdat dit vaak met de veiligheid rondom uw operatie te maken heeft. U kunt zelf op de dag van de operatie nog terugkomen op een eerder door u genomen besluit omtrent de verdoving; bespreek dit met de anesthesist. Hij of zij komt voor de ingreep altijd bij u langs om de laatste controles uit te voeren en uw vragen te beantwoorden.

Naar huis

U mag naar huis als:

  • U goed wakker bent
  • De pijn goed onder controle is
  • U wat gegeten en gedronken hebt
  • U niet misselijk bent
  • U geplast heeft
  • De (medische) situatie stabiel is

Het kan zijn dat u bij een bepaalde ingreep of om medische redenen een nacht moet blijven, dan gaat u de volgende ochtend naar huis. De verpleegkundige doet een ontslaggesprek, waarbij u een ontslagboekje met instructies mee krijgt naar huis en de medicatie die u nodig heeft voor na de operatie. U krijgt van de fysiotherapeut. indien van toepassing op uw ingreep, oefeningen mee op papier en een verwijzing/overdracht voor de fysiotherapeut U mag niet zelf naar huis rijden, zorg dat u vervoer heeft geregeld. Zorg tevens dat de eerste 24 uur iemand bij u is en eventueel wat hulp voor de daarop volgende dagen.